Leider ist dieser Text nicht auf Deutsch verfügbar.
17. Juni 2022
Beleidsnota

De zaak van de dochteronderneming van SIAT in Ivoorkust

Grootschalige landverwerving in Afrika: Gevolgen, conflicten en mensenrechtenschendingen

“Bedrijven moeten de mensenrechten en het milieu respecteren doorheen heel hun waardeketen”

Deze nota is één van vier rapporten over landroof in Afrika. De vraag naar land en natuurlijke hulpbronnen is de afgelopen twee decennia aanzienlijk toegenomen als gevolg van de voedselprijzencrisis van 2008 en de daaruit voortvloeiende grondspeculaties. Dit heeft geleid tot een sterke toename van grootschalige landaankopen (LSLA’s), ook wel landroof genoemd. Sinds 2000 is op het hele Afrikaanse continent meer dan 25 miljoen hectare land opgekocht door grote spelers.


Deze beleidsnota maakt deel uit van een reeks artikels die als doel hebben om goed landbeheer, landrechten en de preventie van conflicten over natuurlijke hulpbronnen op de agenda van Europese en Afrikaanse politieke leiders te plaatsen :


Bedrijfsprofiel en samenvatting van de zaak

SIAT (Société d’Investissement pour l’Agriculture Tropicale) staat geregistreerd als een naamloze vennootschap in België. Op hun website noemt SIAT zichzelf een familiebedrijf aan het hoofd van de SIAT-groep, die dochterondernemingen heeft in Ghana, Nigeria, Ivoorkust, Gabon en Cambodja. SIAT is opgericht in 1991 en is gespecialiseerd in de productie van rubber en palmolie. Het hoofdbedrijf bevindt zich in Zaventem, dichtbij Brussel in België.

Gemeenschappen in de Ivoorkust, Nigeria en Ghana beschuldigen SIAT van landroof, schendingen van hun rechten en van de rechten van hun werknemers, aantasting van het milieu en aantasting van de voedselsoevereiniteit van de inheemse bevolking en lokale gemeenschappen die afhankelijk zijn van hun grond om te overleven. Toch profileert het bedrijf zich op zijn website en in zijn openbare communicatie als milieuvriendelijk en duurzaam. SIAT is er trots op om een van de eerste leden te zijn van de Roundtable on Sustainable Palm Oil (RSPO).

In 2014 heeft het bedrijf een duurzaamheidsafdeling opgericht om het duurzaamheidsbeleid te voeren. SIAT beweert ook aandacht te hebben voor de sociale en economische behoeften van de gemeenschappen en hen actief te ondersteunen "met onderwijs- en infrastructuurontwikkelingen zoals wegen, drinkwater en elektriciteit" en daardoor "stabiliteit en betrokkenheid creëert, wat op zijn beurt zorgt voor zekerheid voor de investeringen van de groep”.

SIAT is erin geslaagd om een van de vijf belangrijkste bedrijven te worden die 75% van de palmolieplantages in Afrika beheersen. De investeringen van het bedrijf in West-Afrika stromen rechtstreeks door in de internationale verkoopketens voor palmolie en rubber. Uit een analyse van de bevoorradingsketen in opdracht van CIDSE blijkt dat de palmolieproducten afkomstig van de dochterondernemingen van SIAT rechtstreeks verkocht worden aan grote multinationals zoals Unilever (VK) en Nestlé (CH), terwijl de rubberproducten doorstromen naar de internationale bandenreuzen zoals Michelin (Frankrijk, VS) en Goodyear (VS).

In Nigeria, Ghana en de Ivoorkust hebben lokale gemeenschappen actie gevoerd tegen de activiteiten van SIAT. De contexten zijn verschillend, maar sommige aandachtspunten komen terug in al deze lokale gemeenschappen met name het is geschil over landrechten tussen de lokale gemeenschappen en staten, de verwerving van land gebeurde zonder toestemming van de gemeenschap, er is sprake van milieuvervuiling en verlies van biodiversiteit, verstoring van het levensonderhoud, aantasting van de voedselsoevereiniteit en van de lokale voedselsystemen met ernstige gevolgen voor vrouwen en kinderen.

Deze beleidsnota zal zich richten op de impact van de aanwezigheid van SIAT in Ivoorkust, waar 11.000 hectare het voorwerp uitmaakt van een geschil tussen de dorpen in de subprefectuur Famienkro en de Compagnie hévéicole de Prikro (CHP), de Ivoriaanse dochteronderneming van SIAT.